Van de Dominee

 

 

 

Een kinderverhaal voor ons allemaal?

 Bij veel kinderen zijn de kijk- en leesboekjes over 'Rupsje Nooitgenoeg' geliefd en populair. Soms kunnen kinderen de verhalen, met veel plaatjes en weinig woorden letterlijk navertellen. Ook op peuter- en basisscholen worden de boekjes graag gebruikt omdat ze goed als lesmateriaal gebruikt kunnen worden. Het gaat bijvoorbeeld om te leren tellen, de namen van dagen van de week, het verschil tussen dag en nacht, verschillende soorten fruit en ook de natuurlijke cyclus van eitje naar rups, cocon en vlinder.

De commercie maakt handig gebruik van de populariteit van deze boekjes door het op de markt brengen van 'Rupsje Nooitgenoeg-knuffels' en andere speeltjes.

Eén van de verhalen over het rupsje begint 's nachts als er een klein eitje op een blad ligt. Op zondagochtend, bij het opkomen van de zon kruipt een hongerig rood-groen rupsje uit het eitje en gaat meteen op pad om eten te zoeken. Maandags eet het rupsje zich dwars door een appel heen en op dinsdag door 2 peren. Op woensdag worden er 3 pruimen opgegeten, op donderdag 4 aardbeien en op vrijdag 5 sinaasappels.

De gaatjes die de rups al etend in het fruit maakt zijn zichtbaar en voelbaar in de bladzijden van het boekje waardoor het lijkt het alsof de rups zich door het boek 'heen' eet.

Op zaterdag eet de rups veel lekkere dingen - onder andere een plak kaas en een lolly - met buikpijn als gevolg. Omdat de rups er behoorlijk last van heeft besluit hij te gaan liggen en valt in slaap. De volgende ochtend eet de rups na het ontwaken als ontbijt een groen blaadje en voelt zich weer helemaal 'in orde'. Hiermee houdt het verhaaltje op, maar ik vroeg me af 6f en in hoeverre zo'n verhaal alleen maar een kinderverhaaltje is. Kunnen volwassenen zich soms niet in meerdere of mindere mate herkennen in het rupsje voor wat betreft hun eetgedrag en ook in behoefte naar alles wat mogelijk is? Wie weet? In ieder geval kan niemand zonder eten, net zoals de rups, maar wat kan het gevolg zijn van te veel of ongezond eten? Omdat er in het boekje geen commentaar gegeven wordt mogen we zelf het antwoord geven. Dat is volgens mij ook het begin van een andere laag in het verhaal, die wat mij betreft meteen gevolgd mag worden door de vraag waar ons eten vandaan komt. Ik ben me ervan bewust dat die vraag niet bij iedereen direct opkomt, maar is het niet verstandig om die vraag toch te stellen? Veel groente en fruit komt immers niet uit onze 'eigen streek', van 'eigen bodem' en is ook vaak niet van 'het' seizoen. Er wordt veel geďmporteerd en getransporteerd, de ene keer vanuit omliggende landen, maar ook vaak uit landen aan de andere kant van de wereld. We zijn gewend geraakt aan wat er allemaal te koop is, wat niet alleen geldt voor ons eten en drinken. Veel komt 'van ver' en vragen over 'hoe' iets groeit of geproduceerd wordt, onder welke omstandigheden en hoeveel energie dit allemaal kost blijven vaak onbeantwoord. Dat geldt eveneens voor de vraag wat de impact ervan is op het milieu, nog afgezien van verpakkingsmaterialen als blik en plastic. Mensen reageren op verschillende manieren, van instemming dat we 'het tij moeten keren' tot ontkenning van de

problematiek. Veel opmerkingen gaan over economische belangen, produceren en consumeren in plaats van consuminderen en duurzaamheid.

Is dat niet het 'Rupsje Nooitgenoeg-gevoel' in ons, tot we erop attent gemaakt worden dat er grote gaten in het 'wereld-boek' gekomen zijn? We kunnen misschien wel constateren dat het zaterdag is en dat niet wij, maar dat onze wereld 'ziek' geworden is. De grote vraag is hoe dit ten goede gekeerd kan worden. Rustig gaan liggen, net zoals het rupsje en in slaap vallen is volgens mij geen goed idee. Laten we realistisch zijn in het besef dat het niet mee zal vallen. Door ons gezonde verstand te gebruiken moet het toch mogelijk zijn dat mensen 'van goede wil' een duurzame bijdrage leveren aan het behoud van Gods schepping.

De onderlinge relatie tussen onszelf, onze medemens, God en Zijn schepping zijn wat mij betreft onlosmakelijk met elkaar verbonden.

Het wonderbare evenwicht dat God in Zijn schepping heeft gelegd is uit balans en het is tijd om ons daar meer bewust van te worden. Wij mogen zelf het antwoord zijn op de vraag hoe de wereld leefbaar kan blijven, voor onszelf en voor al Gods mensenkinderen die na ons komen.

 

Cor Nijkamp

 

 

Eric Carle (New York, 25 juni 1929) is de schrijver en tekenaar van boeken over Rupsje Nooitgenoeg'. Op 6-jarige leeftijd emigreerde hij met zijn ouders naar Duitsland, waar hij aan de 'Akademie der bildenden Künste' in Stuttgart studeerde. Op 23-jarige leeftijd ging Eric terug naar Amerika, waar hij als grafisch ontwerper werk vond. Toen hem gevraagd werd of hij tekeningen wilde maken bij het boek 'Beertje Bruin' van Bill Martin jr. ontdekte Eric dat hij dit erg leuk werk vond. Dit leidde tot het bedenken van de succesvolle kinderboeken over 'Rupsje Nooitgenoeg', met daarin tekeningen met allerlei verschillende stukjes gekleurd papier.

 

 

 

 
 

 

terug